Protestantse Kerk in Nederland
Protestantse Gemeente Oostzaan
 
 
Herinneringen Evangelisatie Herinneringen Evangelisatie


INDEX
Reactie van Gerard Verwer
Oude foto
Inleiding
Statuten van de Vereniging
Herinneringen van Alie van der Lek - Bekebrede.
Kerstviering in het Station
Kerstviering in de Kapel
Het orgel van de Evangelisatie
Een feestelijke bijeenkomst 50 jaar Evangelisatie

Anneke Verwer - herinneringen
Thijs Schaafsma - hulpprediker Evangelisatie
Wijbrand Verwer



Wijbrand Verwer

M’n overgrootvader Willem Dral was een van de oprichters  met van Truijen en anderen.  En toen ik dus als 3 jarig jochie meeging naar de Evangelisatie was dat in 1938.  Siem Derlagen was voorzitter van het bestuur. Mijn Opa Willem Dral is een hele tijd secretaris geweest, en in het bestuur zat, dat weet ik oog nog goed.
 Cor Fraaij was een kruideniertje die woonde tegenover Daaf van der Lely en ik weet nog goed dat hij altijd collecteerde met zwarte handschoenen aan, want dan schoof de stok beter door zijn handen heen. David van der Lely, dat was dus de vader van Im van der Lely. Die was de organist.
 Ja,  ik weet nog goed, ’s morgens gingen we daar heen lopend  dus vanuit het huis –het huis waar ik ben geboren in 1935, later woonde Gijs Kuiper daar in. Ik was drie jaar en ik moest ik mee naar de kerk; gebeurde dus ook en dan na de kerk was er om 12 uur zondagsschool.  Als de kerk afgelopen was dan kwam Jans Brouwer, dat was de juffrouw van de zondagsschool, die hield daar dan in de Evangelisatie  zondagsschool, een uur lang en dan hobbelden we weer naar huis toe.
Ik geloof dat ik 4 jaar oud was dat ik met kerstfeest m’n eerste boekje kreeg van de zondagsschool – het boekje heette Floddermieke.
Het gebouw zelf. Tegen de zuidkant aan had je vaste banken. Drie blokken vaste banken en onder het orgel waren ook vaste banken. Het orgel zat aan de oostkant op een galerij, en boven de ingang was ook een  galerij. Je kon met een trappetje naar boven , daar kon je ook zitten.
De preekstoel stond aan de noordkant. Achterin, aan de Oostkant dus  linksonder de galerij was een deur en dan kwam je in de consistorie en daarnaast was het huis waar Gerrit Bekebrede woonde, de vader van de tweeling Jan en Albert, die hadden daar hun woonhuis.
Naast het gebouw was een stenen pad naar achteren toe, em naast  dat pad was een fietsenstalling en daarnaast een sloot. Aan de andere kant van de sloot stond het meesters huis, het huis van meester ten Veen. Naast het huis van meester ten Veen stond de Christelijke school. Het land waarop het stond was ooit van mijn overgrootvader.
Als je het pad afliep dan kwam je bij de muziektent, en tussen het gebouw en de muziektent was de moestuin van Gerrit Bekebrede.
De eerste voorganger die ze hadden, ja, dat was een combinatie, in diezelfde tijd werd namelijk de school gesticht die stond naast het meesterhuis, en die eerste hoofdonderwijzer van de school was dus meneer van Noord, en die had ook preekbevoegdheid, dus die was ook voorganger in de Evangelisatie.
Later is die opgevolgd door de befaamde meester Soetekouw, en dan weer later door meneer van Voorst. Daarna door meester ten Veen, dat was de meester waarbij ik op school zat,  die had ook wel preekbevoegdheid. Hij  preekte dus ook wel maar die was alleen Hoofd van de school.

Je ging soms twee keer naar de kerk toe, er was s’morgens om tien uur kerk en s middags om vier uur, m’n moeder ging vaak s middags , want ja, je had constant kleine kinderen thuis. S ‘morgens bleef mijn moeder thuis en ging m’n vader naar de kerk en s middag ging m’n moeder.
De organist was David van der Lely. Daaf van der Lely die woonde naast de boerderij van Cor Schaft tegenover de winkel van Cor Fraay.
De vloer van  het gebouw was een houten planken vloer en daar  gooide Gerrit Bekebrede altijd een heel klein beetje zand over.  Ik denk dat hij dat deed omdat als er viezigheid aan de schoenen zat  dat hij daardoor makkelijker de vloer aan kon vegen.
Een van de oprichters  in de tijd van mijn overgrootvader dat was Cor Kater, die woonde in de bakkerij waar later Ab Windhouwer woonde.  Hij heeft later zijn bakkerij overgedaan aan zijn schoonzoon, dat was Cor Bakker, die was getrouwd met Geertje Kater.  Cor Kater was een van de eersten die daar woonde. In de Soeteboomstraat, de Keijzerstraat zal ik maar zeggen,   woonde Annie Bakker en Jan Bakker, de grootvader van de pianist.  Annie Bakker en Jan Bakker, waren ook allemaal mensen die naar de Evangelisatie kwamen. Wie woonden daar nog meer …Vinus Jansen z’n moeder, dan verderop kwamen mijn grootouders natuurlijk en  Om Jan Bruin, Piet Bruin z´n vader en moeder. Mijn oom Siem Verwer die op het boerderijtje woonde van mijn grootmoeder, en verderop nog Dirk Booker en Jaap Dral niet te vergeten.  Jaap Dral heeft jaren in het bestuur gezeten, de vader van de huidige Jaap, samen met mijn vader Wijbrand Verwer die de laatste voorzitter van de Evangelisatie was.

in die tijd toen de schoolmeesters niet mee preekten  hebben we evangelisten gekregen , een van eersten was meneer Huson, dat was echt een mensentrekker iemand die het gemeenteleven stimuleerde. In die tijd zat de kerk dus stamp en stampvol in. Later is die opgevolgd door meneer Van der Wal, die kwam uit Sleen vandaan , uit Drenthe en weer later door meneer Schaafsma, die kwam van Terschelling af.
De Evangelisatie  was een afscheiding van de Hervormde Kerk, de Hervormde Kerk was toen vrijzinnig, super vrijzinnig, liberaal vrijzinnig en mijn overgrootvader waren allemaal rechtzinnigen. De evangelist die er kwam mocht geen avondmaal houden worden , en er mocht ook niet gedoopt worden.  Ik ben dus gedoopt door een dominee  Remmer uit Amsterdam en die een Gereformeerde Bond signatuur had.
Ja, die controverse tussen de rechtzinnigen en vrijzinnigen, daar was wel spanning tussen. Er waren daar wel scherpslijpers . Derlagen,  Jan z´n vader, en ook mijn vader was ook niet zo zachtzinnig.  Bij de Grote Kerk waren daar meester Dirkx, Bels  en jouw vader Cor de Waal, jouw vader weet ik dat die gematigd was.
Toen Huson kwam zijn er wel dingen opgezet, er was een knapenvereniging, een meisjesvereniging en catechisatie werd gehouden . Toen hebben we nog een tijd een hulp gehad van Huson,  dat was meen ik Spaargaren, en dat was Spaargaren die voor de Zonnebloem op de radio altijd;  een aimabel mens, hij had dan altijd graag het woord .
 De Evangelisatie vroeger had in het dorp een behoorlijke potentie. Daar werden toch kaders gevormd door mensen die later bestuurlijk bezig waren.  Ik bedoel Cees Kuiper, later fietsenmaker, een ontwikkelde man, Dirk Schouten , Vinus Jansen, m’n vader en nog een heleboel anderen, die hebben daar zonder opleiding een stuk geestelijk voer en ontwikkeling meegekregen waardoor ze later in allerlei bestuurlijke dingen bezig waren. Dat gebeurde allemaal vanuit de Evangelisatie.
 Mijn moeder is geboren in 1910 en die is 84 jaar vriendin geweest met Marie Soetekouw een dochter van meester Soetekouw maar toen ik dus naar school ging toe was Soetekouw al weg. Toen was het meester Ten Veen, ik heb nooit anders meegemaakt.
Ook was er  meester Oranje en juffrouw van Duffelen, die woonde in een klein huisje, dat was van Ome Klaas Brouwer. Waar nu Grietje Brouwer woont.
 Ik  heb niet gestudeerd, ik kwam van de lagere school en ben gaan werken, maar wat ik weet weet ik de school en van de catechisatie en van de kerk en het leven zelf leert je ook een heleboel.

Ik heb altijd gezegd, als ik leraar had moeten worden was ik geschiedenisleraar geworden want geschiedenis heeft me altijd geboeid, of het nou van Oostzaan is of wat dan ook  - ik kan redelijk goed onthouden .

Toen ik 15 of 16 was was er een behoorlijk grote catechisatie groep, Huson was inmiddels weg en toen was Schaafsma  er. Toen gingen we met Schaafsma met de catechisatie groep met jongens en meiden op vakantie toen.
En de eerste keer gingen we op de fiets naar Sleen daar had van der Wal nog gebivakkeerd ook nog naar Loenen  op de Veluwe, als jongerengroep gingen we op de fiets daar heen en er gingen ook nog een paar ouderen mee, zoals Klaas Bruin.
We waren in een boerderij -  aan de ene kant sliepen de jongens en aan de andere kant de meiden in de stal en in het midden stond een lange tafel en dan werd het brood gesneden en er werd gegeten en overdag waren we in de weer , het was hartstikke leuk.
Zo hebben we dus ook op Terschelling gezeten, waar Schaafsma vandaan kwam ,we gingen op de fiets vanuit Oostzaan naar Harlingen.

 Ja, ik heb daar altijd aan de Evangelisatie goede herinneringen.
Er werden ook avonden georganiseerd een uitvoering van de zang en zo. Ik had in die tijd een groepje meiden , Jannie en Tini Postema en Janny Hylkema  met gitaren die zongen en ik was de crooner..
Muziek in Crescendo, ja ik ben begonnen op een bugel , je moest nogal  oefenen en toen ben ik maar op een althoorn gegaan, maar ik had de geest niet. Ik telde meer rusten als dat ik blies. Toen ik uit dienst kwam heb ik nog een poosje op een ventieltrombone gespeeld maar nee…  Ton en Gerard die waren veel beter, ja, Ton, als die thuis zit zit hij te blazen, daar houdt hij van en Gerard is ook heel goed en m’n vader kon het ook goed. Ook m’n zus Ank en zwager Bart Koeman hebben er veel plezier in.
Zondagsavonds, dat hoorde er ook bij, d’r was geen televisie en geen radio, en mijn moeder kon aardig orgel spelen en die speelde dan op het orgel, en wij dus  Johannes de Heer, Johannes de Dame zingen. En m’n vader had een stem als een oordeel, die kon verschrikkelijk goed zingen trouwens ik kan het ook nog vrij goed.  Ik zing nog in een Oratoriumkoor en in een Projectkoor.
Heel lang ben ik lid geweest van Osanna. Osanna is de laatste tijd nieuw leven ingeblazen, het was op sterven na dood. Ik weet nog ik zat in het bestuur met Pietje Bekebrede;  Vinus Jansen die was voorzitter  en Wil Bruinisse van Jaap Onrust uit de polder en ik en Maartje de Lange.  Er waren toen  zo weinig leden dat ze  Osanna wilden opheffen en toen heb ik gezegd laten we nou proberen jongere mensen te benaderen en dat heeft tot resultaat gehad dat het is blijven bestaan.
Toen ben ik getrouwd en ben ik er af gegaan. Zowel Crescendo als Osanna zijn afkomstig uit de Evangelisatie.
Er zijn  toen ten tijde van dominee Keuning gesprekken begonnen met de kerkenraad van wat er nog over was van de Grote Kerk en het bestuur van de Evangelisatie. De echte liberale vrijzinnigheid die was toen verdwenen, mijn vader was voorzitter en met de kerkenraad is toen een compromis gevonden en zijn we gefuseerd. Er is toen er  een dominee beroepen, ds. Boerma die er voor beiden was, toen is de fusie gekomen en dat was ongeveer in 1970, dat is toen afgerond. Mijn vader  is toen twee jaar later overleden.
We hadden toen het Samen op weg proces maar  in Oostzaan was dat er al. Er waren toen al gesprekken geweest met de Gereformeerden die er later zijn bijgekomen – dat is in Oostzaan allemaal soepel verlopen.
Ik ben daar blij mee geweest

Jan de Waal
 
 




Thijs Schaafsma , hulpprediker Evangelisatie   

Thijs Schaafsma was een boerenzoon geboren in Doniawerstal een voormalige kleine gemeente in het zuiden van Friesland. In 1951 werd hij als (de laatste) hulpprediker door het bestuur van de Evangelisatie benoemd. Hij groeide op in een Nederlands Hervormd gezin. Zijn levensgezel was een gereformeerde boerendochter, Tjitske van Es met wie hij in 1936 trouwde. Het echtpaar kreeg 7 kinderen, waarvan 3 meisjes en 4 jongens.
Thijs Schaafsma hield van vrijheid, en van water en wist als jong dat hij Evangelist wilde worden. Hij volgde een opleiding om zich voor te bereiden op deze betrekking. Door zijn oudste dochter is deze opleiding wel eens omschreven als een mix van een lerarenopleiding en een opleiding tot godsdienstleraar.
Zijn echtgenote, Tjitske van Es heeft het werk dat van haar echtgenoot werd verwacht in de praktijk mee-geleerd.  Dat is mede door de onzekere tijd, het geringe inkomen en de heersende sociale controle, zeker geen eenvoudige taak geweest
Aanvankelijk werkte Thijs Schaafsma in Scharsterbrug en het was in 1939 dat hij met zijn jonge gezin (er waren toen twee kinderen en de derde was op komst) vanuit Scharsterbrug naar Terschelling verhuisde.
Maar zijn vrouw kon op dat eiland niet aarden en na de oorlog, in 1947, vertrok het gezin uit Terschelling en ging naar Beerta, alwaar het een mooie pastorie bewoonde.
Toch was Beerta ook niet hun eindhalte – dat werd Oostzaan.
In 1951 arriveerde de familie Schaafsma in de Kerkstraat. Het bestuur van de Evangelisatie had daar nummer 22 gehuurd en voor gebruik gereed laten maken. Het pand verkeerde nou niet in de allerbeste staat maar de ontvangst en de hulpvaardigheid waren hartverwarmend. Bij wijze van welkom stonden er voor de nieuwe bewoners een pan soep, een schaal met heerlijke broodjes… en opgemaakte bedden klaar !
De saamhorigheid in de gemeenschap van de Evangelisatie was groot. Iedere maandagavond kwamen er twee vrouwelijke gemeenteleden strijken en elke dinsdagavond kwamen er twee andere dames verstelwerk doen. Op háár  beurt werd er van mevrouw Schaafsma verwacht dat ze meewerkte in de gemeente zoals ze dat ook in de vorige gemeentes had gedaan. Ze was daar o.a. voorzitter van de meisjes- en vrouwen vereniging geweest.
Gedurende de periode waarin Thijs Schaafsma in Oostzaan werkte, werd er (onder begeleiding van orgel ) in de bijeenkomsten in de Kapel veel en enthousiast gezongen. En zelfs meerstemmig – dat ontstond spontaan !
Het pleintje voor de Kapel was de ontmoetingsplaats na de dienst. Dáár werden nieuwtjes uitgewisseld en afspraken gemaakt. De verbondenheid binnen de Evangelisatie was groot, zo groot dat iemand die door huwelijk bij het leven van de Kapel betrokken raakte, later vertelde zich toch buitengesloten te voelen.
De vraag waarom Thijs Schaafsma vanuit Friesland naar het westen trok is onbeantwoord gebleven. Het salaris van een hulpprediker was ook in Oostzaan geen vetpot ! Zeker is het dat hij een evangelist in hart en nieren was.
Het verhaal gaat dat hij een op het matje werd geroepen bij zijn werkgever, het bestuur van de Evangelisatie.
Bij die gelegenheid werd hem te verstaan gegeven dat hij zich méér met de gemeente moest bemoeien in plaats van met buitenkerkelijken.
Het bestuur bleek niet ontvankelijk voor de zienswijze van de hulpprediker die ter verdediging aanvoerde dat de gemeente het allemaal al wist en Gods Woord juist onder buitenkerkelijken verspreid diende te worden.
Op het graf van de heer en mevrouw Schaafsma staat een cirkelvormig beeldje: mensen in een kring houden elkaar vast en in het middel is plaats voor een waxinelichtje.

Hij, Thijs Schaafsma, zocht niet de verschillen tussen mensen maar de bindingen.
Van harte heeft hij meegewerkt aan de terugkeer van de Evangelisatie naar de Grote Kerk.
In 1962, 11 jaar nadat Schaafsma in Oostzaan was benoemd, besloten de Hervormde Kerk en de Evangelisatie om in de zomervakantie van dat jaar op twee zondagen een gezamenlijke dienst te houden. Op 12 augustus gebeurde dit in de Kapel en een week later in de Grote Kerk. Het was een voorzichtig verkennen van elkaars terrein. Een verkenning die vier jaar later kon worden voortgezet, uitgebreide uiteindelijk zou leiden tot een samengaan.
In de laatste jaren van de Evangelisatie, op 4 september 1962, komende Gemeente Oostzaan en de Evangelisatie feestelijk naast elkaar in beeld. Die dag trouwt de burgemeesterszoon met de oudste dochter van de hulpprediker en zowel de vader van de bruidegom als van de bruid zijn  vanuit hun functie, actief betrokken.
Enkele foto’s uit de trouwreportage tonen behalve de mensen ook de eenvoud van de op dat moment 81-jarige Kapel.
Thijs Schaafsma is een van de hulppredikers geweest die op grond van singuliere gaven predikant is geworden. Na het opheffen van de Evangelisatie in 1968preekte hij veel in de buurt van Oostzaan. Met regelmaat was hij te horen in de Amsterdamse Spaardammerbuurt, het kerkje van Buiksloot, Schellingwoude en de kerk van Nieuwendam. Hoewel hij als hulpprediker begon kreeg hij later toch de erkenning  als predikant  met ‘Ds.’ als titel.
Thijs Schaafsma overleed in 1991.

-----
Anneke Verwer  
Ik ging ‘s morgens mee naar de kerk en ‘s middags was er dan de zondagsschool.
De zondagsschool werd geleid door Gré, Maartje en Klazien, Joosje Stolle en Jaap Ruig.  Stolle was de koster van de kerk en zijn vrouw leidde de vrouwenclub. Dat vond allemaal plaats in de kerk in het voorgebouw. Het voorgebouw had twee deuren, onder het orgel. Daar was ook een trap en dan kon je op de balustrade zitten, daar zat dan ook meestal de jeugd.
‘S middags was er dan kerk, wij zaten dan op de stoelen  allemaal achteraan. Er was een richeltje, een houten richeltje en daar zat ik met mijn hoofd tegenaan. Wij zaten op de stoelen en als ik een keer ‘s middags meeging, dan zat ik in de bank. 
De jeugd zat achteraan. Naast het orgel was een klein stukje waar de jeugd kon zitten, dan konden ze lekker keten, dat was wat afgeschermd, dat was dicht en dan zag Schaafie dat niet, maar af en toe dan zei hij er wat van. En als mevrouw Scherrewitz dan voor me zat dan kreeg ik drop,  van die snoepjes en die deed ik dan in mijn neus.
Ja, dat had iemand gezegd dan kon je een hele lange neus maken .
Dat zijn van die dingen die vergeet je niet.-

Er was een vrouwenbond. Dat was later de NCVB. M’n moeder zei altijd ‘ík ga naar de vrouwenclub’. Daar breiden ze toen zwachtels.
Dat deden ze in de Kapel, in de consistorie, gezeten aan die grote tafel. Die tafel staat zelfs op een van de foto’s waar de zondagsschool leiding chocomel zat te drinken. Het was heel leuk, heel knus allemaal, ik weet niet of ze toen daarachter woonden ik denk het haast wel, maar ik kan me niet heugen dat daar een huis achter stond of zo – nee,  de woning  van de koster was ingebouwd – aan de achterkant dus.  Ja dat moet ook wel, want vrouw Stolle kwam met de koffie vanuit haar huis in de consistorie. De consistorie had twee deuren een naar de kapel toe en een naar de woning van Stolle.

De kerstviering was bijzonder – ik heb dat nooit meer meegemaakt.
Zo knus, zo gezellig… Er waren appels en sinaasappels en er waren tassen en grote dozen met allemaal boekjes voor de kinderen.
Die moesten ingepakt worden  - boekjes van  W G van der Hulst -  wit papier met een rood lint er om heen. Alles heel  goed verzorgd, en dat boekje ging dan in een tasje met een appel en een sinaasappel, chocolade en een krans…..  och dat was zo goed, en er zat ook nog een kaart bij en ook nog een kaarsje. Ik  moest dan de appels wrijven thuis, dat ze allemaal glommen want dat vond m’n moeder mooi  en dan mocht ik  ook boekjes inpakken, inpakken dat vind ik nog steeds leuk, maar ik mocht nooit mijn eigen boekje inpakken, dat werd klaargemaakt en ingepakt.



‘’Anneke en de Sik’’ dat herinner ik me nog. dat was m’n  eerste boekje - ja, Sik was de geit….
En dan kwam je binnen, je was al de hele dag in touw en in het midden stond een grote lange tafel met wit papier er omheen, allemaal kaarsen  met glitter en grote witte kaarsen en dan gingen alle kinderen aan de tafel  zitten en de volwassenen zaten allemaal in de banken, kinderen zaten in het midden rond de tafel, waar de stoelen altijd stonden, en er was een hele grote kachel, een zwarte kachel.
In mijn idee was hij héél groot, en die brandde en dan werden er weer kolen opgegooid … och en dan werd het héét daar binnen …héét !!

Nou en dan een Kerstverhaal verteld natuurlijk, als laatste dan wel het vrije verhaal, een vrij verhaal ‘Meisje met de zwavelstokjes…’.  Dat deed Maartje altijd met zo’n snik in haar stem…… we waren dan helemaal …. zielig was dat altijd, dat snikken .. dat meisje, en dat lag daar zo in de sneeuw….. met die snikken, ze kan het nog steeds.
Ja en dan dir rooie wangen, ja volgens mij sneeuwde het toen  altijd ik weet dat nog goed.
Echte zo’n Kerstviering – veel emotie, iedereen stond dan buiten in de sneeuw en na te praten en de meesten waren lopend , en die gingen dan naar huis….
Ja dat heeft gewoon een diepe indruk gemaakt.  Het vond s middags plaats en aan het eind van de middag dan was het ook al donker, maar door de sneeuw was het natuurlijk wel wat licht.
Ik kwam dan kwam thuis en dan ging de houtkachel aan of de allesbranden.
Je mocht dat boekje in de Kapel nooit daar uitpakken, dus thuis  boekje uitpakken en dan ging je lezen. Dan zei mijn moeder altijd : Lees dat nou niet in één keer uit, want dan heb je niks meer aan, oh ja, nog één bladzijde, nog één bladzijde…… Ja die kerst – het is niet meer te vergelijken met nu, en zoveel kinderen ook natuurlijk, want je hele klas zat er in, van kleuters tot groters.  De groters hielpen vaak de leiding met uitdelen van  weet ik veel wat…
Er waren ook kinderen in de klas die niet naar de zondagsschool viering kwamen want die gingen ergens anders naar toe,  naar een andere viering, waarschijnlijk naar het witte kerkje… ja dat was toen in de tijd na de scheuring tussen de synodalen en de behoudenden, in 1943 of zo…

De school, nee, meester Soetekouw die heb ik niet meegemaakt, die school waar nu Ruig staat, nee die heb ik niet meegemaakt….ik ging naar de school waar nu de sterrenwacht is.  Er stond een noodgebouw, en toen kwam ik in het noodgebouw want de zijvleugel moest nog gebouwd worden.
Er was toen alleen de voorkant, dat stenen gebouw en daarachter dat moest nog gebouwd worden. Ik zat in het noodgebouw – de eerste tweede en derde klasse, die moesten nog gebouwd worden.  
Ik zat dus in een houten gebouwtje waar nu de koepel staat van de sterrenwacht, dat was in 1963 in het noodgebouw.
Op dat noodgebouw, daar stond de volle wind op in 1963 we zaten met jassen aan. We mochten niet naar huis, niet naar buiten , er stond een  hele grote zwarte kachel en die loeide en,  en er werd melk gebracht.  M’n vader was melkboer, ik kreeg een flesje chocomel mee, en dan …chocomel – ik weet het nog … een broodje met kaas en chocomel….
Ik moet daar iedere keer aan denken, en dan jassen aan, och het was zo koud !
Ja 1963 was een hele strenge winter. Ik kon bij wijze van spreken uit het raam stappen zo op de sneeuw die daar lag  naar beneden glijden. Schaatsen kon gewoon niet – het was véél te koud.

Nee ik heb nooit in de school naast de kapel gezeten.  Ik had meester Pauw, die was toen net begonnen.
M’n vader was toen voorzitter van de schoolbestuur. Het was toen een tijd met allemaal toestanden rond de school want toen kwam Jan Voet met de evolutieleer, nou, dat gaf nogal wat toestanden, en dat was helemaal…en dat wilden ze helemaal niet want dat was in strijd met datgenen wat de bijbel zegt.. Ja dat werd helemaal gemijd - als kind weet ik dat ze dat niet wilden hebben en er werd dan gevraagd  als je bij Voet in de klas  ‘wat heeft hij verteld, en zingen jullie versjes”.  Wat ik wel altijd heel leuk vond hij was heel erg met de natuur bezig en hij had een tuin met allerlei planten onder andere vingerhoedskruid en dan vertelde hij daarvan wat voor plantjes  dat waren – dat vond ik heel leuk, dat weet ik nu nog – wat kennis betreft en was hij gewoon een prima onderwijzer..
----------

Oude foto.

Twintig ernstige heren, vergaderend in de Kapel onder het orgel met de tekst : Looft den Heere en met gaslampen voor de verlichting.
De foto is genomen waarschijnlijk ergens rond 1910, dus op dit moment ruim 117 jaar oud. De Evangelisatie (met als officiële naam : Vereeniging tot het doen herleven van het Kerkelijk Godsdienstig leven in de gemeente Oostzaan binnen de grenzen en in de vormen van de Nederlands Hervormde Kerk), was opgericht op 18 augustus 1881 en was ten tijde van de foto dus zo’n 30 jaar oud. Wellicht is de foto gemaakt ter gelegenheid van dit jubileum.
En de hierop staande heren, wat brengt hen tezamen ? Het bestuur zullen zij niet zijn, want afgaande op de oprichtingsstatuten bestaat het bestaat uit 5 personen, en op de foto staan er 20.
Ook vind ik  het onwaarschijnlijk dat dit alle mannelijke gemeenteleden waren, want de vereniging had toch wel meer leden dan 20 ?
Vragen die wellicht eens beantwoord worden.
Mannelijke leden, ja, vrouwen deden niet mee : Artikel 8 in de Statuten is daar heel duidelijk over
 ‘door de leden wordt uit de mannelijke leden  het bestuur van de Vereeniging gekozen’. Dus het bestuur mocht alleen uit mannen bestaan – in hoeverre vrouwen stemrecht hadden blijkt hier niet uit.
De dan personen op de foto zelf : Bij de foto zit een handgeschreven papier met namen, al dan niet makkelijk leesbaar.


 
Bovenste rij v.l.n.r.
Bram de Boer, Klaas van der Lelie, Wil Schaft, Klaas (?) Brouwer, Ber Nieuwenhuis, Klaas Kalf, Jaap (?) van der Lelie Bert Brouwer, J. Middendorp
Onderste rij v.l.n.r.
Albert Dubbeld, Ger Bekebrede, Piet Abbring, Cor Schaft, Cor Fraaij, de heer van Noord, Co Nieuwenhuis (?), J. Bekebrede, Ome Bas , ?? Kalf, Jur Kuiper.

Waar ik nou zo nieuwsgierig naar ben is de vraag of er vandaag de dag personen onder ons zijn die een of meerdere van deze mensen kennen.  Een voorvader ? Wie zal het weten !
En als iemand het weet, laat  het mij dan weten !



Jan de Waal       



Reactie van Gerard Verwer

Naar aanleiding van de creatie van deze website pagina kreeg ik een hele vriendelijke  reactie van Gerard Verwer. Niet alleen heel vriendelijk, doch ook wat inhoud betreft interessant en voor velen van ons nostalgisch !
Gerard, bedankt
!

Hallo Jan,

Ik vind het hartstikke leuk om nu ook eens iets te lezen over de evangelisatie want daar heb ik toch wel hele leuke herinneringen aan.
Als jongens mochten we onder de dienst pompen en ome David v/d Lelie was de organist. We waren meestal met z'n tweeën, ondergetekende en Anton ten Veen, en tijdens de preek moesten we ons vermaken en dat deden we met bootjes die we vouwden van papier met een zeil er op, we speelden dan hele veldslagen boven op de pomp, niemand zag dat want we zaten achter het gordijn en ome David zat aan de ander kant van het orgel.

Ook gebeurde het wel eens dat we niet goed opletten tijdens het zingen en dan was er geen druk genoeg voor het orgel, en dan werd ome David heel erg kwaad, ik hoor het hem nog zeggen onder zijn snor vandaan, pompen rot jong, en dat was het sein om met een rotgang weer die stok open neer te halen.
Ook weet ik zeker dat we ieder jaar een kerstboom hadden want als kind vond ik het prachtig om je ogen half dicht te doen en dan naar al die vlammetjes te kijken.
De zondag school was ook een vast ritueel en stond in mijn tijd onder leiding van juffrouw Brouwer.

Ik herinner me ook dat er een dominee was die ook in de evangelisatie het avondmaal met de kerkgangers wilden vieren. Dan stond er midden in het gebouw een lange tafel waar dan een ieder aan kon zitten die deel wilde nemen aan de viering en dat was lang niet voor iedereen normaal.
Als je dan bedenkt dat wanneer we naar de grote kerk moesten, lopend vanuit het Zuideinde, kun je je voorstellen dat we liever naar het z.g. gebouw gingen want dat was dichter bij.

Verder heel veel succes met je site en dat we nog vele verhalen over het christelijk verleden uit Oostzaan mogen lezen op je site.

Groet,
Gerard Verwer


 Inleiding

Het was rond 1880 dat enkele leden van de Nederlands Hervormde Kerk zich niet meer zo goed konden verenigen met de wijze waarop het geloof werd verkondigd.
Het was te modern en begon meer en meer af te wijken van Christelijke en Bijbelse uitgangspunten.
Vrijzinnigheid heette het  en daarin konden zij zich niet vinden.


Dat leidde tot huiskamer gesprekken die uitmondde in huiskamerdiensten. En initiatiefrijk als men was leidde dat in 1881 tot het oprichten van de Evangelisatie, om precies te zijn op 18-8-1881 – een mooiere datum kon met niet kiezen.

Het werd een gemeenschap die zich de Evangelisatie noemde, maar wel binnen de Hervormde Kerk van Nederland bleef.

Ook bleven bepaalde rechten met de ‘ Grote Kerk ‘,  bestaan zoals een jaarlijkse doop dienst.
Hartelijk was de verhouding tussen de Vrijzinnigen en Rechtzinnigen (zoals de Evangelisatie werd genoemd) niet – oordelen, al dan niet gebaseerd op Bijbelse teksten, vlogen over en weer.
Maar het was een initiatiefrijke gemeenschap !
Er werd land gekocht, er werd een kerkje neergezet (de Kapel), men richtte een Christelijke School op en de muziekverenigingen Crescendo en Osanna zijn nog heden ten dage uitingen van deze initiatieven.


Maar de tijd gaat voorbij en ergens in de jaren 70 van de vorige eeuw kwamen de rechtzinnigen en de vrijzinnigen weer bij elkaar over de vloer.  De gebrokenheid werd weer geheeld – een mooier Christelijk uitgangspunt is niet te bedenken.
De Kapel werd verkocht en afgebroken en de resterende gemeenteleden van de Kapel zaten zondagsmorgens weer samen met de resterende vrijzinnigen bijeen in de Grote Kerk.
Maar wel bij elkaar in de banken aan de Noordzijde van de Grote Kerk.
In de afgelopen jaren heb ik met enkele oud-Evangelisatie mensen  gesprekken gehad met als doel om deze verhalen te bewaren voor de toekomst. De gedachte was om deze verhalen in een boekje te laten verschijnen. Uiteindelijk heb ik besloten dat niet te doen, doch ze op een aparte pagina op de website van de kerk te zetten.
U treft ze hierbij dan ook aan.

Jan de Waal – januari 2017




 Statuten van de vereniging

Statuten van de vereeniging tot het doen herleven van het kerkelijk godsdienstig leven in de gemeente Oostzaan binnen de grenzen en in de vormen van de Nederlandsche Hervormde Kerk te Oostzaan.

 
Par.1. Naam, grondslag en doel.  Art.1 Er bestaat in Oostzaan eene vereniging tot het doen  herleven van het kerkelijk godsdienstig leven in de gemeente Oostzaan binnen de grenzen en in de vormen van de Nederlandsch Hervormde Kerk.
Zij heeft tot grondslag den Bijbel naar de belijdenisschriften der Nederlandsch Hervormde Kerk uitgelegd en tracht door prediking of onderwijs naar dat dit noodzakelijk mocht zijn in de ruimsten zin des woords het zuivere Evangelie van den Heer Jezus Christus in de gemeente te verkondigen onafhankelijk van het feit of dit eveneens in de Nederlandsche Hervormde Kerk te Oostzaan geschiedt.





























Par.2. Leden Art.2.Leden van de vereeniging zijn zij, die leden van de Nederlandsche Hervormde Kerk zijn, met art 1 instemmen, eene jaarlijksche contributie van één gulden of een driemaandelijksche contributie van vijf en zestig cents betalen en tot wier toelating als zoodanig de algemeene vergadering heeft besloten.

Art.3. Alle andere personen welke de vereeniging materieel door gelden of goederen steunen zijn donateurs of donatrices.

Par.3. Rechten en verplichtingen der leden. Art.4. Zij die lid der vereeniging wenschen te worden moeten zich daartoe minstens veertien dagen voor de algemeene vergadering tot het bestuur wenden hetwelk op de algemeene vergadering de voorgestelde leden  aan ballotage onderwerpt. Zoo door de algemeene vergadering tot de toelating wordt besloten moet het nieuwe lid 2,50 entrée betalen en voorts zijne attestatie  van de Nederlandsch Hervormde Kerk vertoonen, en eindelijk in een daartoe aan te leggen boek de verklaring onderschrijven dat hij of zij met art 1 der statuten overeenstemt.

Art.5. Het lidmaatschap loopt van 1 Januari tot 31 December terwijl daarvan een diploma wordt uitgereikt.

Art.6. Leden der vereeniging zijn thans niet onderworpen aan de bepalingen van art 4 de navolgende personen 1. Jan KaterCzn 2. Willem Dral Czn 3.Jacob Kouspen Czn 4. Cornelis Fraaij Nzn  5. Adriaan Slinger 6. Christiaan Pieters 7. Cornelis Slinger 8.Cornelis Kuiper 9. Cornelis Kater 10. Cornelis Abbring 11. Pieter Wit 12. Teunis Schaft Jzn  13. Jan Fraaij, 14. Cornelis Dral 15 Harmen Abbring 16 Jan de Graaf 17 Gerrit Romein 18 Jacob van Truijen 19 Jan de  Langen 20, Jacob de Langen 21. Hendrik Pret

Art 7. De leden hebben recht van bijwoning der algemeene vergaderingen,  zij hebben recht voorstellen te doen welke minstens acht dagen vóór de algemeene vergadering aan het bestuur  schriftelijk ingeleverd moeten worden. Voorts recht van interpellatie en stemrecht

Par.4. Het bestuur  Art.8. Door de leden wordt uit de mannelijke leden het bestuur der vereeniging gekozen, bestaande uit vijf leden welke onderling de ambten van voorzitter, vice voorzitter, secretaris penningmeester en loco secretaris penningmeester verdeelen.
Elk jaar op de eerste algemeene vergadering treedt één bestuurslid volgens rooster af, welke echter terstond herkiesbaar is.
Voor de eerste maal treden als bestuursleden op Jan Kater Czn voorzitter, Willem Dral Czn secretaris penningmeester, Jacob Kuiper Czn vice voorzitter Cornelis Fraaij Nzn loco secretaris penningmeester Adriaan Slinger.

Art 9. Het bestuur vertegenwoordigt in den meest algemeenen zin van het woord de vereeniging in en buiten rechten, het zorgt inzonderheid voor eene zo mogelijk geregelde vervulling van den predikdienst, van het onderwijs en van de catechisatie in de gemeente Oostzaan en IJpolder en kan daartoe een of meer bezoldigde leden der vereeniging aanstellen. Het bestuur heeft het recht leden te schorsen op eigen initiatief of op initiatief der leden wanneer zij ins trijd met artikel 1 of 2 der statuten handelen of een oneerbaar leven leiden. Het bestuur heeft het recht van interpretatie der statuten en stelt bij huishoudelijk reglement de werkzaamheden der vereeniging, hare dienaren en al wat meer te reglementeeren mocht zijn, vast.

Par.5. De voorzitter. Art. 10 De voorzitter en bij diens ontstentenis of afwezen de vice voorzitter heeft de leiding der vergaderingen, deze opende en sluitende met gebed en het lezen van een deel uit den Bijbel. Hij moet de voorstellen van het bestuur of de leden, mits tijdig ingediend, ter tafel brengen en zorgt voor de goede orde der vergaderingen.

Par.6. Secretaris Penningmeester Art.11. De secretaris penningmeester en bij zijn ontstentenis de loco secretaris-penningmeester houdt de notulen der vergadering, bewaart het archief en de bibliotheek der vereeniging en doet al het schriftelijk en financieel werk van de vereeniging. Hij legt rekening en verantwoording van zijn financieel beleid over het voorgaande jaar af op de eerste vergadering van elk jaar met overlegging van de nodige schrifturen en geldwaarden ter staving daarvan. De rekening en verantwoording wordt nagezien door twee leden door de vergadering daartoe te benoemen en na goedkeuring en onderteekening door deze door de vergadering definitief goed- of afgekeurd.

Art.12. Bij ontstentenis van bestuursleden wordt in de volgende algemeene vergadering onmiddellijk tot benoeming van de nieuwe leden overgegaan. Inmiddels kunnen de bestuursleden elkander onderling vervangen. Met ontstentenis wordt gelijk gesteld algehele onbekwaamheid of onmogelijkheid om zijn burger- of godsdienstplichten te vervullen.

Par.7. Vergaderingen  Art.13. Er worden in het jaar vier algemeene vergaderingen gehouden, één in januari, één in april, één in Juli en een in October. Op initiatief van het bestuur of minstens twintig  leden kunnen door het bestuur bijzondere vergaderingen tezamen geroepen worden.

Par.8. Stemming Art.14. Alle stemmingen geschieden bij gewone meerderheid van stemmen. Wanneer de stemmen staken omtrent zaken wordt het voorstel geacht verworpen te zijn, omtrent personen beslist het lot. Stemmingen omtrent personen geschieden met gesloten briefjes omtrent zaken door rondvraag.

Par. 9. Inkomsten Art.15. De inkomsten der vereeniging bestaan uit de contributiën der leden, donatieën of erflatingen.De inkomsten der vereeniging mogen uitsluitend aangewend worden tot bevordering van het doel der vereeniging in art.1 uitgedrukt. Eventuele belegging van het saldo mag slechts geschieden in onroerende goederen, solide hypotheeken of inschrijvingen in het Grootboek der Nationale Schuld.

Par.10. Statutenwijziging Art.16.  Statutenwijziging met voorbehoud der Koninklijke goedkeuring (op art.1.16 en 17 na, die onveranderlijk zijn) mag slechts geschieden met ¾ der aanwezige stemmen na persoonlijke en algemeene oproeping ter vergadering ad hoc van alle leden met duidelijke aanwijzingen der voorgestelde veranderingen.

Par.11. Ontbinding der vereeniging Art.18. Tot de ontbinding der vereeniging mag niet worden overgegaan dan na algemeene en persoonlijke oproeping minstens 4 weken van te voren van alle leden met duidelijke aanwijzing van het te behandelen voorstel van ontbinding.
Het voorstel tot ontbinding moet voorts worden aangenomen met ¾ der aanwezige stemmen uitmakende 2/3 van het ledental. Met inachtneming overigens van de bepalingen van artikel 1702 Burgerlijk Wetboek zullen de overblijvende baten  der vereeniging het zij in goederen of geld bestaande door de liquidateur gegeven moeten worden aan die vereeniging, stichting of gemeente in Nederland wier grondslag materieel geheel overeenkomt aan die dezer vereeniging ter keuze van het bestuur of bij onstentenis daarvan ter zijner keuze.

Par. Duur der vereeniging Art.18. Deze vereeniging is aangegaan voor den tijd van negenentwintig jaren aanvangende op de dag der Koninklijke goedkeuring.
                                                                                   (volgen de ondertekeningen)
Goedgekeurd bij zijner Majesteits besluit van 1 juni 1890 nr 20

                                                                                   Mij bekend
                                                                                   De Minister van Justitie
                                                                                   Ruys van Beerenbroek


  

Herinneringen van Alie van der Lek – Bekebrede 
 

Koster van de Evangelisatie waren Pietje Raams en Jaap Kuiper, een stel ouwe mensen.  Ze hadden twee zoons, dat waren Bas en  Cor. Cor heeft geleerd, die was onderwijzer en Bas, ja, die was kippenhandelaar. Die Kuiper dat was Bas Kuiper z’n vader die met Maartje Bekebrede getrouwd was.

Maar ja vrouw Kuiper werd ook een oud  en m’n moeder wilde wel een handje helpen en die ging dan zaterdag’s  te werken bij vrouw Kuiper in de Kapel.

Nou, Jaap Kuiper kon al jaren niet meer in z’n stoel uit, vanwege de reuma, en toen besloten mijn vader en moeder dan koster te worden.

We hebben toen geruild met Pietje  en Jaap.
We zijn daar in 1938 komen wonen, we woonden er al voor de oorlog.
Maar, dat weet ik nog heel goed, we hadden aan de Soeteboomstraat een fijne woning en toen we de nieuwe woning  zagen viel dat behoorlijk tegen.
Als je nagaat; naar boven was er een los trapje en boven was een zoldertje en daar was een klein kamertje. Pietje en Jaap hadden indertijd ook nog een meester van de school in de kost gehad.
 
We kerkten in de Kapel maar ik weet dat dat met de Sacramenten niet mocht.
Belijdenis en doop deden we  in de Grote Kerk, een keer per halfjaar. Dat was ’s middags, en dan hadden we ‘s ochtends gewoon kerk in de Kapel.
Lopend gingen we naar de Grote Kerk, en we vonden dat prachtig. Die mooie kerk natuurlijk van binnen, maar het waarom beseften we als kind zijnde niet, natuurlijk.
 
Hoewel er eigen kerkenraad was in de Evangelisatie en er ook een kerkenraad was bij de Vrijzinnigen was er toch eens in de zoveel tijd verkiezingen waar beide groeperingen bij betrokken waren.
Waarschijnlijk kwam dit vanuit de Hervormde Kerk van Nederland – ook scheen het zo te zijn dat de groepering die de meerderheid had gebruik zou maken van de Grote kerk.
Anders gezegd was het dus een plaatselijke strijd welke groepering er in de Grote Kerk zou komen.
De Vrijzinnigen hebben deze verkiezingen altijd gewonnen.
Ja,  in de Grote Kerk daar zaten de Vrijzinnigen en als er verkiezingen waren dan lieten ze een bus rijden om mensen op te halen, maar dat kon de Evangelisatie niet dus die verloren altijd. Een groot spandoek aan de zijkant: Stemt op de Vrijzinnigen.
Nee, het is nu niet te geloven, maar dat was echt zo !
 
Dat was gewoon zo, maar ik heb wel altijd bewonderd, dat de Evangelisatie mensen toch alles betaalden. Evangelisatie mensen waren veel actiever dan de Vrijzinnigen, denk maar aan Crescendo, Osanna, de Christelijke School, de jongens- en meisjesvereniging.
 
Weet je ook nog dat er bankjes met een fluwelen zitting in de Grote Kerk gestaan hebben?  Dat weten ook een hoop mensen niet meer, ze stonden recht tegenover de preekstoel. Er is een oude foto, daar staan ze nog op.
Het waren klein bankjes maar er waren fluwelen zittingen en vrouw  Veen, dat weet ik ook nog, die zat daar altijd. Later had ze in het Weeshuis had ze een kamer en een keuken. Trijn Schaft beneden en vrouw Veen boven.
 





















De Kapel had de ingang aan de kant van de straat was een portaaltje met twee deuren, een links en een rechts. De preekstoel was aan de kant van  Maarten  Ruig. Er waren bankjes en er was een trap en boven de ingang  was een galerij over de hele breedte, want er waren ook concerten en uitvoeringen, en dan stonden daar gewone  houten banken.
Het orgel was aan de achterkant; daar was ook een galerij. Het was nog een orgel met een pomp want ze moesten altijd pompen.
Stoelen stonden gericht naar de preekstoel, en er was ook nog een middenpad. Onder de galerij aan de achterkant stonden ook bankjes en daar zat de kerkenraad. 
 
En dan hier onder de Galerij was het Consistoriekamertje en daarachter was onze woning. Onze woonkamer grensde aan de consistorie. Het was zo gehorig als wat, want het was één muur, eigenlijk meer een houten wand.
Je ging vanuit ons huis zo de Consistorie kamer in en  via de Consistorie de Kapel in, en dan stond hier een grote potkachel.
Later is het verbouwd; Klaas de  Boer heeft er nog gemetseld en is het orgel verplaatst naar de andere kant – op de galerij boven de ingang.  En toen hebben we onder de andere galerij de preekstoel gekregen. Die galerij is toen weggehaald en de stoelen zijn toen ook anders gezet.
 
Achter de Kapel en onze woning was een muziektent en daar repeteerde Crescendo;
Osanna repeteerde in de Kapel; de vrouwenvereniging en de jongensvereniging en meisjesvereniging kwamen allemaal in de Kapel bijeen. En als de muziek een uitvoering gaf deden ze dat in de Kapel . De muziektent er achter was alleen voor de repetitie.
 
We waren erg samen, dat was wel zo; de jongens- en meisjesvereniging ging elk jaar een dagje uit – Piet van Manen bracht ons dan met  paard en  wagen naar Amsterdam.
Dat was allemaal wat primitiever vroeger.
Er gebeurde erg veel samen : zoals Klaas Bruin en  Piet Bekebrede die kwamen voor de catechisatie als bij ons binnen en mijn moeder vond het prachtig, die vond het als maar goed.
Oh zei m’n moeder daar komt dominee van Dijl aan; die kwam dan binnen en dan zei die: ‘Goh, wat hebben jullie een groot gezin’…
 
Maar moet je nagaan in dat ouwe gebouw, de zang ’s woensdags,  meisjes ’s dinsdags, jongensvereniging en nog een kleine meisjes groep en dan de kleuterschool overdag.
Er was altijd wat te doen.
In de Kapel lag van dat witte rivierzand  en elke dag na vieren moesten we al die tafeltjes  en stoeltjes (van de kleuterschool) op de banken leggen want ‘s avonds waren er verenigingen en  als die weggingen dan moest alles weer terug voor de volgende dag.
 
Er  waren natuurlijk vaste plaatsen net als in de kerk. Daar werd voor betaald, stoelengeld. En vrouw van Maanen, die kwam altijd vol ornaat binnen en als er iemand op haar stoel zat dan was het : ‘u zit op mijn plaats’.  En die kon er vanaf dan hoor.
Als je het achteraf bekijkt – wat vreemd allemaal.
 
Na mijn ouders is er als koster een gezin met vier kinderen gekomen en een van de jongens is toen nog tijdens vakantie in een badcel om het leven gekomen. Gerard was toen nog vriend met die ene jongen, het was de familie Stolle, ze kwamen uit Amsterdam. Verder weet ik daar niet zo veel meer van, want ik was de deur al uit. Ik werkte toen ook nog bij Ruig, ik ben zelf nooit koster geweest.
 
We hadden geen eigen predikant; maar er preekten wel goeie dominees hoor, dominee de Meter, dominee  Grootjans, dominee van Noord, dominee Remme, en dominee Kloosterman, die kan ik me heel goed herinneren.
Later hadden we niet zoveel verschillende predikanten meer, in den beginne toen was er meneer van Voorst, wie daarvoor waren weet ik niet;  meneer van Voorst en meneer Kaayk, meneer van Voorst was geloof ik nog directeur van het Bijbels museum en zijn vrouw hielp op de vrouwenvereniging.
En toen later toen hadden we een vaste predikant we hadden meneer van der Wal eerst, en later meneer Huson en daarna meneer Schaafsma, die preekten dan gewoon die hadden de bevoegdheid tot opreken,
Ze preekten geen twee keer op een zondag; op zondag moest je dus twee voorgangers hebben – een hele klus.
Kerk zat vol – we waren trouwe mensen, maar ze gingen ook niet op vakantie of zo. Je ging vanaf de school, naar de catechisatie, en dan naar de kerk en de meisjesvereniging, je groeide daar vanzelf in.
We hadden een sterke band..
 
David van der Lely speelde op het orgel  z’n dochter Im leeft ook nog, die is een jaar ouder dan ik.. Later speelde Piet Ruig.
Of er met de kerst een kerstboom stond, dat weet ik niet zeker – we hadden een kerstavond dienst …… d’r zal toch wel een kerstboom hebben gestaan want ik weet dat er een emmer en een spons was om de kaarsen uit te doen. En Kater had dan meestal lichtbeelden, prachtig oh ja….dat was Kater, Cor Kater die deed ook de zondagsschool indertijd.
Maar we hadden geen klok om te luiden, Jan Bakker heeft nog een klok gemaakt voor de evangelisatie die we konden luiden zodat om 12 uur de klok ging, De 2e kerstdag was altijd kerstfeest van de zondagsschool en dan maakte mij moeder een bus met chocolademelk .  De mensen lachen zich ongelukkig als ze dat nou allemaal horen !
 
Ik heb bij Kater op zondagsschool gezeten die woonde helemaal  in de Zuid, hij had een roggebroodbakkerij hij woonde naast Ab Windhouwer in dat lange huis en daar maakte hij roggebrood. Z’n vrouw heette Mietje van der Lely.
 
We hadden toen catechisatie van dominee van Dijl; en als dat afgelopen  was moesten we naar huis maar daar hadden we niet zo’n zin in, en dan liep hij helemaal mee naar de voordeur en dan deed hij de voordeur dicht en dan ging hij naar achteren, en dan gingen wij stiekem in het portaal, niet praten, net zo lang tot hij weg was.
Er is ook zondag ’s avonds om de veertien dagen kerk geweest in het Noordeinde in het station. Niet dat ik daar heen ging, mensen uit de Haal gingen daar heen.
 
Mijn moeder ging altijd wat vroeger de kerk uit want dan moest ze koffie zetten, de dominee moest koffie hebben. Heel in het begin kreeg de dominee ook een geklutst ei, maar dat is niet zo lang geweest, dat was gewoonte, ik heb het er met mijn broer Jan nog eens over gehad en die wist dat nog heel goed eigenlijk, maar ja die is er ook niet – nee, ik weet niet waarom dat was !
 
In het begin waren er ook nog testen met vuur,  in de galerij  achter de deur daar stonden die banken en daarachter was een plank waarop de testen met vuur stonden, en met de winterdag had m’n vader er ook nog weer werk aan want er moest dan kool in.
De kachel deed het goed hoor. En ‘s nachts brandde hij niet door – dat het  allemaal goed is afgelopen ! Want dan denk je wel, wat was het gevaarlijk eigenlijk !
 
 
  
 Kerstviering in het station
Herinneringen van Hiltje Schaafsma en Alfred van Wijk
 
Het is beginjaren vijftig van de vorige eeuw.
Oostzaan is een lang gerekt lintdorp dat loopt van de kluft via het Zuideinde, Kerkbuurt en Noordeinde tot ver in de Haal. Verkeer was er weinig, fietsers en paard en wagens vormden het verkeer en af een toe een auto, zo dat je op straat kon voetballen.
De kapel van de Evangelisatie stond aan het Zuideinde en vooral in de winter was het voor kerkgangers uit het Noordeinde en Haal gewoon niet te doen. Zeker niet als het een echte winter was met veel sneeuw. Met oostenwind hoopte die sneeuw zich op tot sneeuwbelten van een of twee meter hoog en was de weg  naar het Zuideinde onbegaanbaar.

Vandaar dat het bestuur van de Evangelisatie besloten had om één keer per 14 dagen ’s avond een dienst te houden in het station aan de Stationsstraat. En vooral de dienst met Kerst roepen bij Hiltje Schaafsma en Alfred van Wijk warme herinneringen op.

In de herinnering sneeuwde het meestal en Hiltje vertelt dat ze met haar vader, dominee Schaafsma dan op de fiets de heer Roel van Wijk ophaalden die meestal nog aan het eten was. Gezamenlijk fietsten ze dan naar de Stationstraat, hetgeen volgens Hiltje ‘een barre tocht’ was.
Maar aankomend in de stationshal was daar warmte, het ademde een sfeer van gezellige warmte, haast mystiek, er brandde een grote kolenkachel en de kaarsjes in de kerstboom brandden.
Op de kachel stond een melkbus met chocolademelk. De kinderen zat op de banken in de wachtkamer en de volwassenen op stoelen. Het welhaast surrealistische karakter hiervan werd nog versterkt omdat zo ongeveer om de zoveel tijd er de trein van Purmerend naar Zaandam langs denderde.

Warmte was er, niet alleen de warmte die de kachel gaf, maar daarbij de warmte van het samenzijn, de warmte van het gezamenlijk vieren van de geboorte van Christus - in dat reeds lang verdwenen station aan het spoorpad.
De dienst werd geleid door dominee Schaafsma die een eenvoudige en aansprekende preek hield. Hij stond dan half onder de kerstboom en Alfred herinnert zich dat bij een van de diensten het kaarsvet op het zwarte jasje van de dominee droop.

Er stond een harmonium en wanneer de preek beëindigd was dan kroop Roel van Wijk, Alfred’s vader, achter het harmonium en werden enkele kerstliederen gezongen. Soms mede begeleid door een voorbij razende trein. Dan was daar Els van ’t Padje, welbekend als vrouw van Aart de Lange. Welbekend omdat zij er niet voor terugdeinsden om samen lange wandelingen te maken. Els van ’t Padje kon heel goed declameren en na de liederen werd dan ook een gedicht voorgedragen.
De spanning steeg onder de kinderen wanneer de warme chocolademelk werd uitgedeeld. Met een pollepel werden de bekers gevuld vanuit de melkbus.
Na het kerstverhaal dat verteld werd door Roel van Wijk kregen alle kinderen een sinaasappel in vloeipapier verpakt en soms een boekje van W.G. van der Hulst. Hiltje herinnert zich dat nog levendig. Het vloeipapiertje was zo mooi dat ze het glad streek, in een schrift plakte en er later af en toe nog eens aan rook.
Ze rook dan de sinaasappel weer en het gevoel van de kerstviering in het Oostzaanse station kwam weer boven. Beiden, Alfred en Hiltje bekennen dat zij nooit meer zo’n intieme, warme kerstviering hebben meegemaakt als daar in het begin van de jaren ‘50 in het station van Oostzaan. De eenvoud van het samenzijn, de sfeer met de voorbij  rijdende treinen gaven een gevoel van eenvoudige devotie rond de geboorte van Christus.

opgetekend door Jan de Waal

 
Kerstviering in  de Kapel

Het zal wel tijdens een Kerstviering geweest zijn in de Kapel aan het Zuideinde. De setmming is opperbest, er wordt ijverig gepraat en er wordt chocolademelk gedronken. Kerstkransen liggen klaar op een bordje..
Maar wie zijn allemaal op deze foto ?
Van links naar rechts een onbekende dame die met haar hoofd net boven de tafel komt, achter haar Mevrouw Wanda van de Weerthof die getrouwd was met Arie Onrust (helemaal rechts met een bekertje en een sigaar). Naast Wanda van de Weerthof zit Klazien Verwer, daarnaast Gré Verwer en weer daarnaast Jaap Dral, met gulle hand de chocolade schenkend,  Naast Jaap een onbekend lid van de Evangelisatie en daaronder Ina Horden. De dame met de halskettingen om is Elly Stolle en helemaal rechts genoemde  Arie Onrust en daaronder Maartje Verwer die daarna (of misschien was dat al eerder) in het huwelijk trad met Jaap Dral
Voorbije tijden !

 Het orgel van de Evangelisatie.

Toen de Evangelisatie werd opgeheven en  de tot dat moment verdeelde rechtzinningen en vrijzinnigen weer tot elkaar over de vloer kwamen werd de Kapel verkocht  en ook het interieur verdween.
Het oude barokorgel wrd ontmanteld en werd verkocht.

Zo.n twintig jaar geleden deed de heer Hans Schimmel onderzoek uit naar de geschiedenis van het orgel dat staat in de Hervormde Kerk van Valburg (Betuwe)
En wat bleek ?  : Het orgel van de kerk in Valburg kwam uit de Kapel in Oostzaan !

Het orgel was in het begin van de vorige eeuw in elkaar gezet en in 1921 in de Kapel in Oostzaan geplaatst.
In een artikel in De Gelderlander van  9 september 1997 werd dit naar buiten gebracht.
Ook kwam de heer Schimmel toen in contact met Jaap Ruig welke in september van dat jaar de mogelijkheid werd geboden om nog eens op dat oude Oostzaanse orgel te spelen.




 Een feestelijke bijeenkomst op 26 augustus 1931

En een feestelijke bijeenkomst was het zeker want het was een bijeenkomst ter herdenking van het feit dat de Evangelisatie 50 jaar bestond.
De heer Soetekouw - hoofd der Christelijke School - opende de vergadering waar Burgemeester Teer en de nog laatst levende oprichter van de Evangelisatie, de heer Dral, aanwezig waren.
Van deze bijeenkomst is een verslag gemaakt door de heer W. van Truijen met als laatste toevoeging  :
ook deze avond was het gebouw zeer goed gevuld met belangstellenden.

Hieronder treft u het handgeschreven verslag van de heer van Truijen aan.





































































































































































 

terug
 
 
 
 

Kerkdienst
datum en tijdstip 17-12-2017 om 10.00 uur
Collecte : Bartimeus - Derde Advent
meer details

 
Meerjaren Onderhoudsplan

Het meerjaren onderhoudsplan van de kerk
 
Jeugd

Rock Solid 2017. Informatie over de twee Rock Solid Groepen.
 
In Memoriam

Een herinneringspagina van gemeenteleden welke dit jaar zijn overleden.
 
 
Protestantsekerk.net is een samenwerking tussen de dienstenorganisatie van de Protestantse Kerk in Nederland en Human Content Mediaproducties B.V.